Werkwijze

Een landschap schilderen, een boeket bloemen tekenen, technisch een uitdaging, maar in mijn vrije werk wil ik toch iets meer dan alleen een reproductie van de werkelijkheid. Ik wil een verhaal vertellen. Daardoor is het maken van een schilderij een zoektocht. Struinen op internet naar geschikte plaatjes, kijken naar andere kunstenaars en soms komt de inspiratie van de titel van een muziekstuk.

Voor ‘To catch attention’ begon mijn zoektocht bij Walthy Dudok-Van Heel. Kijk eens op haar website en voel de energie die er in haar vogeltekeningen zit: http://www.walty.nl/ Hoe kon ik zelf die beweging weergeven van een vogel mij elke ochtend wakker maakt en in mijn schoorsteen nestelt: de kauw. Om beweging weer te geven moet je pols losmaken anders worden al die vegen te star. Een vleugje uit O.C. Hooymeijer’s Boek van niet-bestaande vogels. : https://www.ochooymeijer.com/

De kleur doet afbreuk aan de oorspronkelijke inkt-tekeningen. Niet leuk, wel leerzaam.

Geen onbelangrijke voorbereiding waren ook tekeningen met houtskool om de anatomie van dat beest te ontdekken.

De eerste inkttekeningen waren dan wel sterker zonder kleur, maar ik wilde met kleur of in ieder geval met een ander materiaal beweging toevoegen. En zo speelde ik met het beeld van die kauw die daar zo in de lucht hangt. Hoe kan ik laten zien dat hij remt, zijn vleugelslag verandert en zijn aandacht gevangen wordt?

Omdat het beeld met die ene vogel te statisch is en die luchtbel er onder niets toevoegt, gooi ik het over een ander boeg. Inspiratie krijg ik nu van een opdracht tijdens de schilderlessen in Weert: beelden uit de natuur stileren. En van de werkjes die een mede-cursist maakt door stukken uit tijdschriften te scheuren en te componeren tot nieuwe beelden. Ze selecteert haar materiaal op kleur en op patronen. Ik combineer nu de omtrek van meerdere vogels om de beweging weer te geven.

Er komt een mooi beeld uit, maar die rare wit-gele achtergrond maakt dat ik blokkeer. Ik leg alles voor een paar maanden weg. Later leer ik dat die blokkade vooral komt omdat het blad zo egaal wit is. Had ik het zelf wit geschilderd dan zaten er waarschijnlijk nuances in door bijvoorbeeld de penseelstreek. Dan had het meer een geheel gevormd. Maar het wegleggen heeft effect. Terwijl ik de opdracht van de les afmaak ontdek ik weer wat ik leuk vind: materialen combineren. En vooral tekenmaterialen waarin ik mij vrijer voel.

Ik maak een klein oefenschetsje en neem na elke stap even afstand om te bepalen hoe ik verder wil. En zo combineer ik strakke vlakken met gedetailleerde potloodtekeningen, voelt het goed om een paar kleine dingen met inkt toe te voegen aan de paarse vogel en ga ik uit mijn comfortzone door een veeg roze te schilderen. Niet alles lukt. Die geel-groene kleur vind ik niet mooi: te hard. Ook wil ik gladder aquarelpapier zodat de potloodtekening minder structuur krijgt.

Bijna klaar, nu alleen de losse staartdelen verbinden met de rest van het schilderij.

De laatste fase in het grote werk: afstand nemen en hulp vragen bij de docente. Welk deel van de staart rechtsonder maak ik paars? De linker dus. Een donkere kleur sluit op en kapt de beweging juist af. Door beide vlakken niet egaal van kleur te maken, maar de verf steeds meer te verdunnen krijg je ook meer bewegingsruimte. Als ik dat heb gedaan begint het al wat te worden. De twee staartdelen vormen nog geen geheel met de rest. Ik wil geen golvende verbindingslijnen gebruiken want dan is er teveel herhaling. Het helpt dat de docente een zaadje plant (iets met arceren) en ik naar oud werk kijk. Ik maak een foto van het schilderij, print een paar exemplaren uit en ga daarop met kleurpotlood experimenteren. Twee strakke lijnen waaraan ik even later wat schuine dwarse streken aan toevoeg. Dat is precies wat ik nodig had: strak tegenover beweging.

To catch attention